Portretfotografie op locatie

Als portretfotograaf maak ik beelden op diverse plaatsen.  Mij maakt het niet uit waar ik de portretten moet maken.  De klant moet me goed inlichten over wat ze graag als eindresultaat zien.  Dat kan een studioportret met neutrale achtergrond zijn, een portret op locatie waarbij de locatie zelf al dan niet belangrijk is, een achtergrond die scherp of flou is, etc ….

Voor onderstaande beelden heb ik een studio opgebouwd in het magazijn van Group Suerickx in Herentals.  De studiosetup bestond uit een witte Lastolite Highlight background en enkele studiolichten.  De beelden die ik maakte stuurde ik rechtstreeks naar de computer zodat de klant onmiddellijk het resultaat kon zien.

De beelden moesten klaar zijn om te detoureren of vrijstaand te maken, zodat ze op om het even welke achtergrond zouden kunnen aangebracht worden in post-productie.  In de uiteindelijke publicatie zijn ze ook op een witte achtergrond gebruikt, maar wel met tekst rond.

Screenshot uit pdf-publicatie van groep Suerickx: Olivier Seurickx

 

Screenshot uit pdf-publicatie van groep Suerickx: Christophe Suerickx

 

Jurgen Doom
Screenshot uit pdf-publicatie van groep Suerickx

De klant vroeg portretten met hoge mate van uniformiteit, eenzelfde uitstraling van zowel rust, zelfzekerheid als betrouwbaarheid.  Group Suerickx, waar ik ondertussen al jaren beelden voor maak, is een warm bedrijf, geleid door Christophe en Olivier. Ze richten zich op de bouwsector en zijn gespecialiseerd in herstellingen, onderhoud, renovatie en conservatie.  Het beeld op de homepage van hun website maakte ik in 2011.

Homepage van Group Suerickx. Het beeld werd gemaakt tijdens betonherstellingswerken in situ.

Jürgen Doom is freelance fotograaf met specialisatie in bedrijfsfotografie (portret, architectuur, bouw).  Voor een portfolio, zie www.jurgendoom.be.

Lichtmeting volgens de sunny f/16 methode

Hoe kan je voorspellen welke instellingen je zal moeten instellen op je toestel, zonder dat je het licht meet met een lichtmeter?

Vooreerst: er is niets mis met het gebruik van een lichtmeter, zoals we hierna zullen zien.  Indien je een lichtmeter kan gebruiken, doe het dan zeker.  Maar het is perfect mogelijk om op basis van een goede visuele waarneming van het licht op je te fotograferen onderwerp de aanwijzingen van je lichtmeter correct te voorspellen.  Een lichtmeter doet namelijk niets anders dan op een wetenschappelijk-technische manier de intensiteit van het licht om te zetten in een corresponderend diafragma en sluitertijd bij een gekozen ISO-waarde.  Op basis waarvan die dat doet, lichten we hierna toe.

De sunny f/16-regel voor continu licht (daglicht – zonlicht)

De f/16 regel geldt alleen voor buitenopnamen bij daglicht (zowel voor zon, wolken, regen, …).  Binnen werk je met kunstlicht (of flitslicht), dus daar geldt deze regel niet (je kan het hoogstens gebruiken als richtlijn voor een beeld dat je vlak tegen een raam maakt, gebruikmakende van invallend (zon)licht).  De sunny f/16-regel geldt ook niet als je met flitslicht werkt.

De sunny f/16-regel is een methode om zonder lichtmeter toch altijd een juist belicht beeld te maken in een buitensituatie.

De sunny f/16 rule zegt het volgende:

Op een zonnige dag in de zomer, zonder bewolking, rond de middag (10-14h), zal je onderwerp correct belicht zijn als je onderwerp vol in de zon staat en je je diafragma op f/16 instelt bij een sluitertijd die dezelfde waarde heeft als je ISO-getal.

Bijvoorbeeld:

Op een zonnige dag fotografeer je een person met een diafragma van f/16 met een sluitertijd van 1/100, als je werkt op ISO 100.  De persoon staat met zijn/haar gezicht naar de zon gekeerd (of de fotograaf heeft de zon in de rug).  Wanneer je dat doet zal je persoon correct belicht zijn.  De huidtint zal automatisch in zone VI zitten.

Werk je echter op ISO 200, dan stel je je sluitertijd op 1/200 in.  Dat is logisch, want je ISO opdrijven van 100 naar 200 maakt je sensor dubbel zo gevoelig, waardoor je je sluitertijd moet halveren. Je uiteindelijke belichting blijft daardoor hetzelfde, voor zover je diafragma hetzelfde blijft.

Wil je werken met een sluitertijd van 1/400, dan wordt je ISO ook 400 (bij f/16).

We maken hier wel onmiddellijk de bedenking dat de sunny f/16 – hoewel ze vrij accuraat is – altijd een richtlijn blijft, waar je je lichtmeting met je camera mee kan vergelijken om na te gaan of de ordegrootte van je lichtmeter dezelfde is als wat jij dankt dat het moet zijn.  Het goed begrijpen van de f/16 regel en het correct gebruiken ervan is een groot voordeel voor elke (reportage)fotograaf.  Je moet dan namelijk niet noodzakelijk altijd het licht meten door de zoeker voordat je een beeld gaat maken.  Je kan ongemerkt je camera instellen (zodat niemand door heeft dat je een beeld gaat maken), om daarna snel het beeld te maken.

De eerste keer dat ik in aanraking kwam met de sunny f/16 regel was tijdens mijn stage op de fotoredactie van de krant “Die Burger” in Kaapstad.  Elk jaar, in de lente, komen walvissen naar de kust om er te paren en te kalven.  De aankomst van de eerste walvis (doorgaans voor de kust van Hermanus, zo’n 2 uur rijden uit Kaapstad) haalt altijd de voorpagina.

De fotoredacteur gaf me de opdracht om er een beeld van te maken.  Omdat de afstand tussen de kustlijn en de walvissen te groot was om te fotograferen met een 50mm of zelfs 200mm objectief (de walvissen zouden nauwelijks zichtbaar zijn), vertrouwde hij me een Nikon 500mm met vast diafragma (f/8) toe.

Nikon Reflex-NIKKOR 500mm f/8, een 500mm objectief met vast brandpuntsafstand en vast diafragma.  Het bestaat voornamelijk uit spiegels (zoals de grootste telescopen) en is daardoor licht.  Door het gebruik van spiegels vertoont het geen chromatische aberratie. Dit objectief wordt niet meer gemaakt. 

(foto: https://www.nikon.be/nl_BE/product/discontinued/nikkor-lenses/2006/500mm-f-8-reflex-nikkor?ID=424#overview)

De fotoredacteur gaf me een paar rolletjes film met een ISO van 100 en kwam met volgend advies:

Stel je sluitertijd in op 1/400 indien de zon zo blijft schijnen.  Als het bewolkt wordt, werk dan op 1/100, maar gebruik dan zeker een statief.

Ik vroeg hem hoe hij nu al kon weten welke belichting ik 150km verder zou moeten gebruiken, zonder dat hij het licht gemeten had.  Het antwoord was eenvoudigweg: de sunny f/16 regel.

Hij hield daarbij rekening met de 500mm brandpuntsafstand, door me te laten werken met een sluitertijd die ongeveer overeenkwam met de brandpuntsafstand (1/400).  De sunny f/16 regel zegt dan dat je een juiste belichting krijgen als je diafragma instelt op f/16 bij een sluitertijd (1/400) en ISO (400) die gelijk zijn aan mekaar.  Omdat ik op f/8 ging fotograferen (het 500mm objectief bood geen andere mogelijkheid dan te fotograferen op f/8) en niet op f/16, moest ik compenseren voor die 2 stops extra licht.  Dus in plaats van een film met hoge lichtgevoeligheid van ISO 400, gaaf hij me een film mee die 2 stops minder gevoelig was (ISO 100).  Dat compenseerde voor het gebruik van f/8 in plaats van f/16.

Er was een goede reden waarom hij me die instellingen zo meegaf: zo was hij zeker dat de belichting juist ging zijn, zeker bij zonnig weer.  Omdat de zon veel reflecteert op het wateroppervlak, kan je lichtmeter daardoor het noorden kwijtraken. Je lichtmeter zal willen compenseren door je een sluitertijd of diafragma te suggereren dat sneller of kleiner is dan nodig is.  Daardoor zal je beeld onderbelicht zijn.  De sunny f/16 regel heeft daar geen last van, omdat het geen rekening houdt met reflecties, schaduwen, heldere of donkere partijen in je beeld.

Andere weertypes

Uiteraard is het niet altijd zonnig weer (zelfs niet in België).  In ons land krijgen we al eens met bewolkte dagen te maken, of met regenweer.  Geldt dan de sunny f/16-regel nog altijd, of wordt die onbruikbaar?

Of beter nog, stel dat het zonnig is maar de persoon die je wil fotograferen staat met zijn/haar gezicht in de schaduw.  Of je wil de persoon in tegenlicht fotograferen?   Het beeld hieronder  geeft je een mogelijk antwoord op die vragen:

Foto: https://www.slrlounge.com/photography-essentials-the-sunny-16-rule/

Vertrekkende van de f/16-regel (die uitgaat van zonnig weer) kan je berekenen of herrekenen welke belichting je zou nodig hebben bij andere lichtomstandigheden, vertrekkende van f/16 bij een zonnige dag.

In onderstaande tabel zie je het diafragma dat je moet instellen bij een een zekere lichtsituatie.  Men gaat daarbij uit van een sluitertijd die gelijk is aan de ingestelde ISO-waarde (bijvoorbeeld ISO 100, 1/100).  Wat interessant is aan onderstaande tabel is dat voor een zeker diafragma de aard van de schaduwrand (scherp, zacht, geen) er uit zal zien.  Met andere woorden, aan de hand van de schaduwrand kan je het diafragma voorspellen dat je moet gebruiken bij een ISO en sluitertijd dat dezelfde is.

 

Diafragma Type belichting
f/22 Sneeuw of zand
f/16 Zon – duidelijke schaduwrand
f/11 Licht bewolkt – zachte schaduwrand
f/8 Bewolkt – (bijna) geen schaduw
f/5.6 Zwaar bewolkt – geen schaduw
f/4 Schaduw/zonsondergang – geen schaduw

 

Dat is logisch.  Bij rechtstreekse zon heb je een puntbron als lichtbron.  Puntbronnen geven altijd duidelijke schaduwranden.  Op een licht bewolkte dag zie je nog schaduwranden, maar die zijn diffuser of zachter.  Dat kan kloppen, want dat is het effect dat je krijgt van een softbox.  Het wolkendek werkt namelijk als een grote softbox.   Maar het houdt tegelijkertijd een deel van het licht tegen: het licht zal minder intens zijn.

Bij sneeuw of zand krijg je extra licht in je beeld (zeker in portretten) door de reflectie van de zon op de sneeuw of het zand.  Dit is dan een extra lichtbron (zie het als een groot reflectiescherm), waardoor deze als een extra lichtbron zullen reageren en ongeveer 1 stop extra licht toevoegen.

Je kan de tabel ook als volgt voorstellen (voor ISO 100):

Tabel: http://forum.mflenses.com/f16-rule-extended-t23748,start,15.html

Hierboven zie je duidelijk dat het diafragma aangepast wordt naarmate de lichtsterkte afneemt.  Elke nieuwe situatie is 1 stop minder licht dan de voorgaande (vertrekkende van boven naar onder).  Merk ook hier weer op dat er 1 stop extra licht zit in een zonnige situatie ter hoogte van water (of sneeuw, wit zand, …).

Merk op dat ASA (American Standardisation Association) de oude standaard is voor de filmgevoeligheid van een filmrolletje.  Tegenwoordig spreken we van ISO (International Organisation for Standardisation).   De Duitsers hadden het vroeger over DIN (Deutsche Industrie Norm).

In de praktijk

Vroeger kon je de sunny f/16-regel op de verpakking van filmrolletjes terugvinden.   Onderstaande afbeelding illustreert dit voor een Fuji Provia 100F (ISO 100).  We stellen vast dat

  • Het een film betreft met ISO 100 als gevoeligheid.
  • De daylight exposure guide opgegeven wordt voor 1/250ste van een seconde.

Klopt dit dan wel moet de sunny f/16-regel?  Of heeft Fuji het hier fout?

Het antwoord is: neen, Fuji heeft het niet fout. Kijk goed naar de bijhorende tekeningen.  Fuji raadt f/11 aan bij zonnig weer.  Logisch, als je weet dat het f/16 zou moeten zijn bij ISO 100, 1/100.  Maar de film heeft een gevoeligheid van ISO 1/250, wat ongeveer 1 stop minder gevoelig is dan ISO 100.  Daarom moet je ook 1 stop meer diafragmeren (van f/16 naar f/11).

Foto: https://www.markushartel.com/tutorials/basics/sunny-16-rule.html

Merk ook op dat fabrikanten hun films graag gevoeliger voorstellen dan ze in werkelijkheid zijn.   Met deze informatie zou je moeten kunnen inzien dat de informatie die op het doosje van Fuji wel klopt.

Besluit:

De f/16 regel blijft een eenvoudige en snelle manier om de juiste belichting te verspollen en kan je als richtlijn gebruiken om je camera in te stellen, zonder licht te meten. Ik gebruik het buiten vaak, al was het maar om te controleren of ik het nog altijd kan. 🙂

 

Jürgen Doom is freelance fotograaf met specialisatie in bedrijfsfotografie (portret, architectuur, bouw).  Voor een portfolio, zie www.jurgendoom.be.

Portretfotografie: Luc Van de Ven voor OKRA

Voor OKRA magazine, het ledenblad van OKRA waarvoor ik met regelmaat al bijna 10 jaar lang voor fotografeer, portretteerde ik psychiater Luc Van de Ven.  De beelden werden gemaakt in het gloednieuwe psychiatrisch centrum op Gasthuisberg Leuven.

Het beeld werd gebruikt in een artikel over “de wortels in ons leven” en werd, zoals je hieronder kan zien, in het tijdschrift gebruikt.

Jurgen Doom
Luc Van de Ven

Ik kom wel op meer plaatsen waar je anders niet of nooit komt (en al zeker niet in een psychiatrisch centrum), maar Mr Van de Ven vertelde me toch iets interessants, namelijk dat ik niemand in beeld mocht brengen.  Op zich is dat niet nieuw voor me en repliceerde ik dat – moest er in de achtergrond toch iemand op staan – die persoon onherkenbaar en onscherp in beeld zou komen.  Tot zover niets nieuws, maar Mr Van de Van vond het belangrijk dat niemand extra in beeld kwam – herkenbaar of niet.  Het fotograferen van iemand in dit centrum, zelfs indien niet herkenbaar, zou tot problemen kunnen leiden.  Want zelfs al herken je de persoon niet dan nog kan het zijn dat een patiënt zich denkt te herkennen – zelfs als is het de patiënt niet maar wel een medewerker, bezoeker, onderhoudspersoneel of wat dan ook. Dat is iets dat absoluut moet vermeden worden.

Zoiets had ik nog nooit gehoord.  Uiteraard had ik hiervoor het grootste respect en zorgde ervoor dat niemand in beeld kwam. Voornamelijk bij onderstaand shot moest ik daarom goed opletten, omdat de glazen wand (als achtergrond) mensen zichtbaar zou kunnen maken.

Jurgen Doom
Portret Luc Van de Ven

Bij dergelijke opdrachten vind ik het belangrijk om mijn klant voldoende mogelijkheden te geven om in de layout van de publicatie het beeld in te voegen. Vandaar dat ik steeds horizontale en verticale beelden aanlever (zelfs als je weet dat ze enkel een horizontaal of enkel een verticaal beeld gaan gebruiken.  De reden is eenvoudig: lever je enkel horizontale beelden aan, dan kan je beeld niet als coverbeeld genomen worden. Lever je enkel verticale beelden aan, dan kan je geen “double spread” krijgen, zoals soms gebeurt).

 

Jurgen Doom
Portret Luc Van de Ven

Alle beelden zijn gemaakt met een Nikon D4, 85mm 1.4 en Nikon SB900 speedlight off-camera.  Dankzij het gebruik van flitslicht kan je de sfeer in een beeld veranderen en zo de klant diverse opties aanbieden, zelfs al heb je maar 2 of 3 setups of locaties gebruikt. Dat gebeurt vaak, omdat veel personen die gefotografeerd worden daar meestal niet om gevraagd hebben en geen zin hebben om op het beeld te staan.  Voor alle duidelijkheid, dat was niet het geval met Mr. Van de Ven, die me alle tijd gegeven heeft die ik nodig had.

Moest ik mogen kiezen welk beeld ik in het magazine zou gebruiken, zou het tussen volgende beelden gaan.  Mijn voorkeur is het onderste beeld, omdat de trap in de achtergrond daarin niet door het hoofd loopt, zoals in het eerste beeld.  Maar ik sta ook achter de keuze van de redactie om het verticaal beeld te gebruiken zoals het nu in het artikel staat.

Wat is jouw voorkeur?

Jurgen Doom
Portret Luc Van de Ven
Jurgen Doom
Portret Luc Van de Ven

Bedrijfsvideo: videoproductie voor Kingspan Unidek

Naast fotografische activiteiten bied ik ook videoproducties aan.  De opdrachten die ik aanneem zitten meestal in de industriële sfeer, waarbij er beeldmateriaal moet gemaakt worden om een productieproces, assemblage, uitvoering of dienst duidelijk te maken.  Vaak gaat het gepaard met een interview van de verantwoordelijke van het project, de begunstigden of de persoon die het meest afweet van wat er gebeurt.

Voor Kingspan Unidek mocht ik reeds meerdere producties maken, waarbij men steeds beelden wou  van de uitvoering van werken op de werf, waaronder een interview met één van de belanghebbenden moest gebeuren.

Onderstaande video toont het plaatsen van platdakisolatie op een particuliere woning in een gebied dat in de winter blootgesteld wordt aan extreme koude en in de zomer aan hitte.  Het pand ligt bovendien op een heuvel en is dus blootgesteld aan de wind.

https://

https://vimeo.com/manage/288169633/v2/embed

Eén van de troeven die ik dergelijke klanten kan bieden is dat ik naast het beeld- en audiomateriaal ook een goede kennis heb van het onderwerp zelf. In een vorig leven hield ik met als bouwkundig ingenieur zelf bezig met deze materie.  En hoewel dit al lang tot een ver verleden behoort, kan ik die kennis nu goed gebruiken om relevant beeld- en audiomateriaal aan te leveren.  Of zoals een klant me onlangs vertelde: “eindelijk iemand die ook begrijpt wat hij aan het doen is voor ons”.  Een compliment dat ik me graag laat geworden!

Bedrijfsfotografie: Productfotografie op locatie

Ik ben wat men een “location photographer” noemt in het Engels.  Een fotograaf die niet vanop 1 locatie werkt (een eigen studio of werkruimte).  Een beeldenmaker die tot bij de klant gaat, alle materiaal meeneemt om de opnames bij de klant tot een goed einde te brengen en daarna de beelden in een gecontroleerde en gecalibreerde omgeving af te werken.

Terumo, een bedrijf met hoofdzetel in Japen maar met een grote Europese vestiging in Haasrode, is gespecialiseerd in medisch materiaal.  Voor hun nieuwe brochures en promotiemateriaal hadden ze beelden nodig van nieuwe producten: pompen voor infuses of Terufusion genaamd. Hoogtechnologische, computergestuurde infusen, perfect instelbaar op maat van de patient.

De vraag van Terumo was of ik de beelden bij hun in kantoor kon maken.  Location photographer zijnde kon ik aan hun wens voldoen.  Om onderstaande foto’s te maken bouwden we in een ruimte binnen hun kantoor een studio op, waarin de producten gefotografeerd werden. Het beeld hieronder toont het resultaat, verwerkt in de brochure van Terumo.

Jurgen Doom
Terumo: productfotografie

Om bovenstaande producten goed te kunnen fotograferen was een goede kennis van de werking van licht nodig.  De producten moesten niet alleen op een witte achtergrond/ondergrond gefotografeerd worden (om te kunnen “détoureren”, dat wil zeggen, los maken van de achtergrond om ze daarna in een ander beeld te kunnen verwerken, zoals hierboven), maar de displays moesten ook zichtbaar en leesbaar zijn.

Het is echter heel moeilijk en technisch ingewikkeld om binnen gecontroleerde omstandigheden alles in 1 opname uit te voeren. Ofwel gaat het display leesbaar zijn, maar is de pomp niet goed belicht. Ofwel is de pomp goed belicht, maar het display niet leesbaar.

Er waren daarom 2 types van opnamen nodig: 1 opname waarbij het product zo goed mogelijk gefotografeerd wordt en zo duidelijk mogelijk in beeld gebracht wordt.  Dat gebeurt best met flitslicht: zuiver, controleerbaar en voorspelbaar licht. Daarbij moet je letten op het feit dat je geen “continu” licht mee fotografeert. Continu licht is afkomstig van de lichtbron in de ruimte (in dit geval TL-licht in een kantoor wat een ongewenste vuilgroene schijn geeft in het beeld).

Wanneer je flitslicht gebruikt, zonder continu licht in je beeld mee op te nemen, dan krijg je een beeld zoals je hieronder ziet: clean, proper, sec, netjes. Een goede basis om mee verder te werken.

Jurgen Doom
Opname van de infuuspomp met enkel flitslicht.

Zoals je kan zien is het een opname van de producten, maar zonder dat het display leesbaar is.  Dat is ook logisch en te verwachten: het display is een bron van continu licht. Het licht wordt er op een continue manier uitgezonden.  De bedoeling van de opname was om enkel flitslicht te gebruiken, zodat alle bronnen van continu licht niet zichtbaar zouden zijn in de opname.  En dat is gelukt, met het donker display tot gevolg.

Om het display toch realistisch in beeld te kunnen brengen, was een tweede opname nodig.  Een opname waarbij enkel continu licht zou gebruikt worden.  En liefst enkel continu licht van het display.  Om die reden werden voor de tweede opname alle lichten in het kantoor uit gedaan (er was geen raam in de ruimte, waardoor het er heel donker werd).  De infuuspompen werden dan aangezet, waarop de displays oplichtten.  Een tweede beeld werd gemaakt van enkel de displays.

Opname van de infuuspomp met enkel continu licht.

De bedoeling van deze manier van werken was om nadien, in Photoshop, beide beelden in elkaar te verwerken: het beeld van de infuuspompen met flitslicht en het beeld van de schermen met enkel continu licht.  Om dit goed en eenvoudig te kunnen doen, werd aan de setup niets gewijzigd. Het beeldkader werd behouden en de focusafstand bleef dezelde.  Op die manier pasten beide beelden 1:1 op mekaar.  Dat vergemakkelijkte niet allen het werk in Photoshop, maar het zorgde ook dat het perspectief in het beeld bleef kloppen.  Elke wijziging van focus, brandpuntsafstand of cadrage zou een verandering van perspectief en/of verhouding met zich meegebracht hebben.

Voor de volledigheid wil ik hier nog vermelden dat enkel de sluitertijd werd aangepast om het beeld met continu licht te kunnen maken.  In plaats van 1/200 (de sluitertijd bij het gebruik van flitslicht) gebruikte ik hier een sluitertijd van ongeveer een halve seconde.

Het composietbeeld, na Photoshopbewerking, ziet er dan als volgt uit.

Jurgen Doom
Terumo Infuuspomp: afgewerkt beeld, met ingewerkt display.

Voor publicatie worden er dan nog enkele finale bewerkingen uitgevoerd: de ruimte rond het beeld wordt mooi wit gemaakt. De klant vroeg ook om de schaduw van de pompen, die onder de pomp valt, grotendeels weg te we werken.  Iets wat in post-productie vrij eenvoudig uit te voeren is. Dit kan zelfs in Lightroom gedaan worden en hoeft niet noodzakelijk in Photoshop.

Er werden heel wat pompen gefotografeerd op deze manier:

 

Jurgen Doom
Opname van de pomp met enkel flitslicht.

 

Jurgen Doom
Zelfde opname van de pomp, maar met enkel continu licht (afkomstig van het display).

 

Jurgen Doom
Samenbrengen van beide beelden in Photoshop.

 

Jurgen Doom
Afwerken en opkuisen van het beeld, zodat het een cleane, witte omgeving heeft met kleine schlagschaduw. Dit met het oog op détourage.

We zijn zelfs de “grote” uitdaging niet uit de weg gegaan!  Maar het principe is hetzelfde bij onderstaande beelden als bij de bovenstaande.  Het belangrijkst bij opnamen was dat er niets mocht bewegen tussen de verschillende opnamen.

Jurgen Doom

Jurgen Doom

Terumo heeft de beelden op een heel mooie manier in hun nieuwe publicatie gebruikt.

 

Jurgen Doom
Terumo: productfotografie
Jurgen Doom
Terumo: productfotografie
Jurgen Doom
Terumo: productfotografie

 

Alle beelden zijn gemaakt met een Nikon D800 en Nikon 85mm Tilt/Shift lens.  Beelden tethered naar MacBookPro in Lightroom.  Flits: Profoto B1.  Assistenten: Lise Lynen van Terumo en Lotte Moortgat.

Reisfotografie – fotograferen tijdens de vakantie: wat, waar, hoe en waarmee?

“Ik doe het zelden of nooit”, is mijn standaardantwoord op de vraag of ik vaak fotografeer op reis.  “En als ik het doe, dan meestal met ofwel de telefoon, ofwel een kleine systeemcamera”.

 

De melkweg, zoals te zien op een heldere nacht, zonder maan, zonder strooilicht.  Spanje, Pyreneën.  Nikon D850, 24mm 1.4

En toch twijfel ik elk jaar over wat ik op vakantie meeneem.  Er zijn jaren geweest (zo rond 2010 – 2013) waar ik inderdaad gewoon niets meenam op reis, en quasi geen foto maakte.  Ik fotografeerde al voldoende tijdens het jaar. Ik weigerde toen ook nog om met de telefoon te fotograferen (omdat de kwaliteit ondermaats was, toch wanneer je de kwaliteit van spiegelreflexcamera’s gewoon bent).

Maar met enkele reizen naar Zuid-Afrika de afgelopen jaren, waar ik toch besloten had om meer materiaal mee te nemen (toen nog een D800 met allerhande objectieven), en met een lange reis dit jaar besloot ik toch om iets meer materiaal mee te nemen.

Hieronder vind je dus een eigenzinnig fotoverslag van een lange reis door delen van Engeland, Noord-Ierland, Ierland en Spanje met het gezin. Bij sommige beelden geef ik graag wat uitleg  over de gebruikte technieken en materialen.  Andere beelden behoeven minder uitleg.

Het materiaal

Fuji X100T

Die systeemcamera waar ik het hiervoor over had is een Fuji X100T, met een objectief met vaste brandpuntsafstand (equivalent van 35mm).  Die gaat wel vaker de tas in.  Of in de broekzak. Of gewoon om de hals.  Ik gebruik hem vaak in privé of semi-professionele opdrachten (dat zijn opdrachten die ik mezelf opleg, en waarmee ik mijn portfolio uitbouw, maar die niet voor betalende klanten zijn).

Ik kan niet anders zeggen dat de Fuji X100T een geweldige systeemcamera is voor de doeleinden waarvoor ik hem nodig heb: genoeg pixels (16 Mp), (relatief) snel en eenvoudig een beeld maken, zonder zwaar fotomateriaal te moeten meesleuren.  Relatief snel, want de camera heeft toch altijd wat tijd nodig om te focussen.  Soms, bij te weinig licht of te weinig contrast, lukt het manueel focussen niet.

De beelden die ik maak met de Fuji zijn altijd in RAW, met een jpg kopie op het kaartje. Dat laatste omdat je via de telefoon de jpg beelden gemakkelijk kunt overzetten (via een ad-hoc wifi verbinding tussen telefoon en toestel).  De jpg’s download ik nooit op mijn computer, enkel de RAW files (RAF-files in het geval van Fuji).  Het zijn de RAW files die ik edit, bewerk en archiveer.

Zicht op Liverpool, met het Liverpool museum mooi verlicht in het midden.

Ik weet echter uit ervaring dat ik nooit 100% tevreden ben over de kwaliteit van de Fuji X100T.  Niet dat die slecht is, verre van. Ik maakte al verscheidene prints op A3+ formaat, en die komen er goed uit.  Maar wanneer je verwend bent met de kwaliteit van spiegelreflexcamera’s, uitgerust met zogenaamde “prime” objectieven, dan kan deze er nooit tegenop.

Selfie in een bar in de buurt van Clifden, Ierland – Fuji

Nikon D850

Daarom dat ik ook opteerde om één van mijn professionele toestellen mee te nemen, maar ook omdat ik dit jaar  een veel langere vakantie plande dan gewoonlijk.  Ik besloot  om  mijn nieuwe Nikon D850 body mee te nemen, vergezeld van volgende objectieven:

  • 24mm 1.4
  • 35mm 1.4
  • 50mm 1.4
  • 70-200mm 2.8
  • Teleconvertor TC-20EIII

Ik had evengoed mijn Nikon D800 kunnen meenemen (die ik 2 keer in Zuid-Afrika mee had).  Maar omdat ik dit jaar de Nikon D850 gekocht heb (voornamelijk om mee te filmen), besloot ik om toch mijn nieuwe D850 mee te nemen en die uitvoeriger te testen op vlak van fotografie.  Zo was het me namelijk nog niet gelukt om  beelden, via wifi-verbinding tussen de Nikon D850 en de telefoon (via de App SnapBridge van Nikon) over te zetten.  Voorts wist ik dat er heel wat landschappen zaten aan te komen, ideaal voor het testen van het Dynamisch Bereik (DB) van een sensor.

Saravillo, Spanje (Pyreneën): een groot contrast tussen de witte delen van de wolken en de schaduwpartijen (onder bomen, …) wordt goed opgevangen. Een groot dynamisch bereik. Nikon D850, 24mm 1.4

iPhone6s

Tot slot was er de iPhone6s, die altijd overal meegaat.  Handig, gemakkelijk, snel en met voldoende pixels om eventueel prints van te maken.  Handig voor snapshots, zoals onderstaand beeld, waar het snel moest gaan.

Je zal niet zo heel veel beelden van mijn reisgenoten vinden.  Hier en daar zullen ze wel opduiken in een beeld, of zoals in onderstaande foto op de ferry van Liverpool naar Belfast.

Copyright Jurgen Doom
De reisgenoten, op de ferry tussen Liverpool en Belfast. iPhone6s

 

Tot slot nog dit.  Alle beelden, behalve de iPhone-beelden, heb ik verwerkt in Capture One Pro.  De RAW-files zijn dus via Capture One Pro omgezet naar jpg’s.

Liverpool

Liverpool was voor ons een eerste halte op weg naar Noord-Ierland.  Op het programma stonden het Tate Modern en het Liverpool museaum.

Tate Modern Liverpool is niet te vergelijken met Tate Modern in Londen: noch het gebouw, noch de grootte van de collectie.  Maar dat maakte het niet minder interessant.  Zo was er de hoogst interessante en tijdelijke tentoonstelling van werken van fotografe Francesca Woodman en Egon Schiele.

Franscesca Woodman en Egon Schiele in Tate Modern Liverpool – Fuji
Copyright Jurgen Doom
Franscesca Woodman en Egon Schiele in Tate Modern Liverpool – Fuji
Copyright Jurgen Doom
Franscesca Woodman en Egon Schiele in Tate Modern Liverpool – Fuji

Alle beelden zijn gemaakt met de iPhone6s, omdat er niet mocht gefotografeerd worden.  Iets dat me steeds weer blijft verbazen.  De werken zijn gekend en via beelden maak je nog reclame voor de tentoonstelling.  Enfin, illegaal gemaakte beelden hierboven dus ….

Vanuit Tate is het enkele minuten stappen naar “The Liverpool Museum”.  De hoofdreden waarom dat op ons lijstje stond is omdat er werk te zien is van een Belgische glaskunstenares.  Inge Panneels, een Vlaamse kunstenares die in Schotland woont, heeft er in opdracht van Liverpool een absoluut prachtig kunstwerk voor gemaakt.  Inge is gefascineerd door kaarten (maps, mapping, etc ….) .

In 2013 maakte ik voor haar reeds beelden van glaskunst voor haar Map-i project.

Museum of Liverpool: Artwork by Inge Panneels – Fuji

Hier zie je een werk met verschillende kaarten van liverpool in verwerkt.  Ben je in Liverpool, dan loont het zeker de moeite om te gaan kijken.

Ook het museum heeft wat te bieden qua architectuur en de buurt waarin het museum zich bevindt is aangenaam om te wandelen, iets te gaan eten, etc … Jammer dat we er maar 1 dag waren.

Museum of Liverpool – Fuji

Vanuit Liverpool ging het met de ferry naar Belfast.  Dat is zo’n 8h varen.  De ferry vertrekt ‘s avonds laat en komt ‘s ochtends toe in Belfast.

On the boat: bye bye Liverpool, Belfast here we come – Family snapshot – Fuji en iPhone

Noord-Ierland

Belfast

Eén van de tussenstops op onze reis naar het noorden was het Titanic-museum in Belfast.  Niet alleen een must voor elke Titanic liefhebber, maar voor iedereen die interesse heeft in zowel de geschiedenis van de Titanic, als de geschiedenis van de stad Belfast.

Belfast: Titanic museum. iPhone6s

Maar omdat we voornamelijk voor de rust en de natuur gekomen waren, ging het direct noordwaards, richting Antrim coast. Dat is zo’n uur rijden uit Belfast.

Antrim Coast

Als je ooit in Noord Ierland komt, dan is de Antrim coast een echte aanrader. Je vindt er geweldig mooie natuur waarin je naar hartelust kan wandelen (Causeway Coast of Rathlin Island) en natuurlijk de Giant’s Causeway.

De wandeling langs de kliffen is spectaculair en tegelijktertijd rustgevend.  Het gaat er op en af, langs velden en weiden.

Causeway Coast en Giant’s causeway.

De Giant’s Causeway is een spectaculaire basaltformatie die zomaar uit de zee opdoemt.  Stollingsgesteenten.  Maar wel met een specifieke, hexagonale vorm.  Prachtig om te zien en te fotograferen – ware het niet dat het er zwart ziet van de toeristen.  We waren er zelf deel van, dus geen geklaag, maar voor de meer iconische foto’s verwijs ik je door naar de toeristische brochures. Geen idee wanneer die beelden gemaakt zijn, maar niet in juli overdag.

Causeway Coast en Giant’s causeway.
Causeway Coast en Giant’s causeway.

Door als fotograaf een hoek te kiezen kan je wel beelden maken – mits wat geduld – waarbij je geen toeristen mee fotografeert. Maar zowel het standpunt als het licht zijn niet ideaal.  Ze zijn ook allemaal met de Fuji gemaakt, die een vast brandpuntsafstand heeft. Hierdoor kan je niet altijd doen wat je juist wil (ik had maar mijn Nikon D850 moeten meenemen op de wandeltocht, maar ik zag het niet zitten die dag om er aan te sleuren).  Niet meer dan een fijne vakantieherinnering dus.

Voor Rathlin Island moet je een kleine ferry nemen van Ballycastle. Op een half uurtje van het vasteland vind je er een oase van rust en veel wandelplezier.  Er is ook een bezoekerscentrum waar je naar de Puffins of papegaaiduikers kan gaan kijken.  Breng zeker een telescoop of verrekijker mee, want anders zijn ze niet groter dan een speldenprik.

Het eiland zelf is zo goed als verlaten.

 

Rathlin Island
Rathlin Island
Rathlin Island

Noord Ierland is charmant en mooi.  Maar op 4 dagen tijd krijg je maar een klein deel te zien. Niettemin met mooie herinneringen. Eén ding heeft ons wel wat gestoord, en dat is dat ze voor alles, maar dan ook alles het geld uit je zakken kloppen.  Voor het minste moet je betalen (in Pond) en niet een klein beetje.  Zo kost een bezoekje aan de Giant’s Causeway al snel meer dan 50€ (gezin van 4).  Gelukkig zijn er “hacks”, waarbij je door er naartoe te wandelen langs de kustlijn er gratis bij geraakt.

Ierland

Van bij het begin was het niet onze bedoeling om heel Ierland te zien. Dat is onmogelijk op 10 dagen tijd.  Daarom kozen we ervoor om ons te concentreren op 2 locaties en daar de tijd te nemen om het allemaal tot ons te laten doordringen.

Galway

Eerste stop was Clifden in Galway. Clifden ligt in de Coonemara, een prachtig gebied vol veen en turf, bergen, zee, meren, strand en pittoreske dorpen.  Op de camping in Clifden voelden we ons ver weg van de bewoonde wereld, en dat was – heerlijk – !

Clifden Eco Beach camping, Fuji
Clifden Eco Beach camping, Fuji

 

En ja, het kan ook heel goed weer zijn in Ierland.  Zo hebben de kinderen hier op het strand en in het water kunnen spelen.

Clifden Eco Beach camping, Fuji

Geen Ierland zonder publife.  Zelf drink ik geen alcohol meer, maar ons alcoholvrij bier kregen we toch uitgeschonken in een Guinness glas.  Dichter dan dat kwamen we niet bij de “real stuff”!

Guinness, pub. Fuji

Oh ja, we maakten een fantastische en gegidste wandeling in de turf- en veenvelden in de Connemara, waarbij we uitleg kregen over alles dat met turf en veen te maken had.  Super interessant, ware het niet dat het goot!  De gids zei zelf dat ze het in maanden niet meer zo had weten regenen.  Nou ja ….  Geen beelden dus, al was het wel een indrukwekkende tocht tussen meters hoge turf.

Cork via Cliffs of Moher

Voor de mensen uit Cork bestaat Ierland uit volgende gebieden: Cork en Not Cork.  Wel, dat wilden we wel eens onderzoeken, maar niet voordat we eerst via de Cliffs of Moher passeerden.  En ja, daar moet je ook betalen. Niet om de cliffs of zich te bezoeken, maar voor de parking.  En geloof me, ‘t is niet eenvoudig om daar te geraken zonder wagen.

De clifss of Moher zijn ronduit fantastisch om te bezoeken.  Rotswanden die zo’n 200m hoog boven de zee uitsteken.  En wind, heel veel wind.  En roekeloze mensen, die omwille van die ene foto hun leven wagen.  Niettemin, een schitterende locatie.

Het eerste beeld is in tegenlicht gefotografeerd.  Je ziet de grootsheid van het gebeuren, maar de sensor heeft het heel moeilijk met het dynamisch bereik dat hier overbrugd moet worden. Het beeld werd ontwikkeld in Capture One Pro, waarbij de schaduwpartijen wat opgetrokken zijn om detail in de kliffen te krijgen.  Maar het beeld is daardoor iets te flets. Bovendien zijn een heel deel van de wolken volledig uitgebrand.  Niet een heel groot probleem op zich, maar in dit geval toch iets te veel.

Cliffs of Moher, Ireland. Fuji
Cliffs of Moher, Ireland. Fuji

Het tweede beeld is in de andere richting gefotografeerd, met het licht mee.  Het licht valt deels op de rotsen, een ander deel valt in de schaduw. Veel sfeervoller beeld voor mij.

Cork was voor ons weer een rustpunt, waar we de hele tijd bij vrienden gelogeerd hebben (waarvoor onze eeuwige dank).  Het is amper te geloven, maar dit is het zicht uit het raam.  Correctie: dit is het zicht uit het raam, 1 keer per maand. Want de koeien, die grazen er maar 1 dag per maand!

Cork – Santander

Het klinkt een beetje raar, maar we zijn met de boot van Ierland naar Santander gevaren. Nou, zo raar klinkt dat niet als je beseft dat je anders via Dublin, naar Liverpool moet oversteken om in Engeland ofwel de boot te nemen naar Spanje, ofwel over te zetten naar Frankrijk.  Maar goed, de boot dus.  Weer een boot!

De overzet duurt meer dan 24h.  Maar je slaapt er heerlijk op (indien je niet zeeziek wordt).

Screenshot iPhone
Iedereen reist op zijn manier …. iPhone 6S

Bilbao

Het was een verjaardagscadeau, namelijk alle Guggenheims bezoeken.  Guggenheim Bilbao is de eerste in de rij.  En wat een knap museum! Zowel architecturaal als inhoudelijk een heerlijke plek.

 

Guggenheim, Bilbao. Fuji
Guggenheim, Bilbao. Fuji

Eigenaardig genoeg mag je daar de werken niet fotograferen. Zelfs de uitleg die in de zalen hangt mogen niet gefotografeerd worden. Ik vloog bijna buiten toen ik dat toch probeerde.

Naast de vaste collectie aan moderne kunst (Van Warhol, Cy Twombly en Robert Rauschenberg over Gerhard Richter en Anselm Kiefer naar Yves Klein, Willem de Koning, Mark Rothko etc ….) waren er ook 2 tijdelijke tentoonstellingen.  Eentje over de “breakthrough years” van Chagal en een tentoonstelling van het werk van Joana Vasconcelos.  Absoluut fenomenaal.  Go check it out!  Helaas, geen beelden …

Waar men eigenaardig genoeg geen probleem mee had was het fotograferen van het werk van Richard Serra.

Richard Serra, Guggenheim Bilbao
Richard Serra, Guggenheim Bilbao
Richard Serra, Guggenheim Bilbao

 

Valle de Bielsa, Spanje, Pyreneeën

Ken je dat: home away from home? Wel, dat hebben we met de streek rond Bielsa.  Ik wil hier niet te veel reclame maken om het aantal toeristen wat te beperken in die streek, maar voor ons is het er ronduit fantastisch. Rust, bergen, zon, aangename temperaturen, siësta in de namiddag, en nu en dan eens een flink onweer.  Het ideale leven qua!

En je kan er ook magnifieke wandelingen doen. Halve dagtochten, dagtochten, meerdaagse wandelingen via refuges.  Vlak, golven, steil.  Er is voor elk wat wils!

Wandeltochten, met de meest fantastische verzichten.
Panorama op de Puerto Viejo, de grens tussen Frankrijk en Spanje. iPhone6s

 

En voor de meer avontuurlijken onder ons, canyoning. Dat is met een beschermend neopreen pak in de canyon afdalen, via rappels, springen, duiken, glijden, etc …. Als je er ooit zin in hebt, dan moet je zeker contact opnemen met Els van Entremontes.  De video hieronder heb ik een paar jaar terug opgenomen in de kloof die je hieronder ziet.  Els van Entremontes heeft toen de afdaling begeleid.

Zicht vanuit de Miradores de Revilla.

“>

Naast geweldige bergwandelingen is er ook nog het “birdlife”, oftwel de roofvogels die je er kan zien.  Zowel de Vale gier als de Lammergier kan je er bewonderen.

Vogels fotograferen is niet evident. Je hebt er best speciale objectieven voor nodig.  Zo had ik mijn 70-200mm mee, met mijn teleconvertor, zodat de 200mm een 400mm wordt.  Door het gebruik van de teleconvertor verlies je jammer genoeg wel 2 stops, waardoor je als snel te weinig licht hebt.  Om die reden moet je doorgaans, zelfs bij zonlicht, naar ISO 800 tot ISO 1600 gaan, om een voldoende hoge sluitertijd te kunnen gebruiken. Anders gaan je beelden onderbelicht zijn, of bewegingsonscherpte vertonen.  Onderstaande beelden van de Vale gieren zijn gemaakt met de Nikon D850 in combinatie met bovenstaande teleconvertor en teleobjectief.

Vale gier, Saravillo, Spanje.
Vale gier, Saravillo, Spanje.
Vale gier, Saravillo, Spanje.

Als slot van deze geweldige reis hebben we nog een nachtje onder de sterren geslapen.  Dat mag je letterlijk nemen: eerst een uur de bergen in rijden tot aan de Refugio St Isabel, waar we ons matje buiten onder de sterrenhemel opengerold hebben.  Vandaar hadden we een prachtig zicht over het heelal.

Under the milkey way.

Om een sterrenhemel – en het heelal – te fotograferen heb je een statief nodig (gelukkig had ik mijn Gitzo carbonstatief mee), en gebruik je best een sluitertijd van ongeveer 30 seconden, ISO 3200 bij f/4.  De rest gebeurt in post productie.

Ga je langer dan 30 seconden fotograferen, dan riskeer je dat je sterren niet zuiver zijn, maar streepjes.  Bij kleinere diafragma’s (F/8) moet je met nog hogere ISO’s werken.  het is dus een beetje zoeken naar de beste combinatie tussen de verschillende parameters.

Melkweg, heelal.

Het was een geweldige reis en een geweldige tijd in de natuur. We hebben genoten van de zon, maar ook van de regen  op ons gezicht en de stevige wind tegen onze tent.  We sliepen onder de sterren en wandelden op het dak van de wereld (althans, zo voelde het).

En we kijken uit naar volgend jaar.

Met of zonder camera!

Hellen van Meene – The years shall run like rabbits

“je wordt veel langer onthouden en aangesproken om werk dat niet goed was, dan om werk dat wel goed was”.

Hellen van Meene – Lezing voor studenten fotografie van Narafi en Sint Lukas, naar aanleiding van haar boek “The Years Shall Run Like Rabbits” (Ludion).

Hellen van Meene - The years shall run like rabbits
Hellen van Meene – The years shall run like rabbits

“Een olifant in een porseleinwinkel, een bruut”.  Zo omschrijft Hellen van Meene (1973) haar manier van werken en doen een paar keer tijdens haar lezing voor de studenten fotografie van de campussen Narafi en Sint Lukas van de Luca School of Arts.

 

Haar portretten daarentegen hebben niets van die omschrijving.  Gevoelig, subtiele kleuren, intiem, breekbaar.  Gefotografeerd met koud, zacht fluwelen, Noord-Europees winterlicht.

 

Al 20 jaar lang maakt Hellen portretten.  Niet van modellen. Niet van “mooie” mensen, zoals ze het het omschrijft. “Maar van mensen die haar aandacht op straat trekken”.

“Al mijn modellen zijn van straat geplukt”. De straten van Alkmaar, vanwaar ze komt.  “Zo leg ik mijn verzameling van portretten aan.  Ik geef ze wat licht aan probeer iets aan het portret toe te voegen”.

 

Hellen kiest hoofdzakelijk – bijna uitsluitend – voor jonge mensen. Tieners. Adolescenten.  “Omdat ze als model nog maakbaar zijn.  Je kan nog zoveel variaties in hun steken, zodat er meerdere betekenissen aan kunnen verbonden worden.  Dat kan je niet met oudere mensen.  Die zijn eerder “saai” en hebben een leven geleefd. Daar kan je dus weinig mee doen. Met jonge mensen kan je nog alle kanten op.  Dat heb ik nodig, die ruimte in mijn werk.”

 

Ter illustratie laat ze een beeld van een meisje zien. Jong gezichtje, grote krullenbos. Het lichaam gedrapeerd in een ouderwets kleed.  Koud tegenlicht.  Uitdrukkingsloos. Handen over mekaar, zoals oudere mensen doen wanneer ze tegen jongere kinderen praten.  “Net een omatje”, legt ze uit.  Maar het is amper een tienermeid.

 

Onvolmaaktheden, imperfecties. Je vindt ze terug in haar beelden.  “Maar ze storen me niet”, verduidelijkt Hellen. “Integendeel.  Okselhaar, een draadje aan een stukje lingerie dat los hangt, dat hoort er bij.  Ik laat dat staan, want het hoeft niet perfect te zijn”.

 

Zo kiest ze ook nog steeds voor analoge fotografie. Na 20 jaar houdt ze nog altijd van de spanning van het sturen van de filmrolletjes naar het labo.  “Wanneer je ze terug krijgt, beleef je de shoot opnieuw, beleef je de beelden opnieuw.  Maar er is tijd kunnen overgaan”.

 

Die tijd heeft ze ook nodig bij het maken van beelden.  “12 frames zitten er op een rolletje. Dat dwingt me om niet lui te worden en hard te werken.  De spanning van niet te weten of ik het beeld heb, dwingt me om goed te kijken, me te concentreren.  En bovendien heeft het analoge iets schilderachtig, waar ik wel van hou”.  Het past bij haar beelden.

 

Na al die jaren houdt ze nog steeds van portretfotografie en zoekt ze nog steeds naar gezichten “die niet in de collectie” zitten.   Daar gaat ze dan achteraan.  “Alles moet wijken voor de fotografie”.  Zelfs haar angst voor “honden”.  Honden, die ze nu als modellen gebruikt om portretten van te maken. Al dan niet in combinatie met kinderen.  “Niet dat ik mooie foto’s van honden wil maken. Nee, ik wil brute foto’s”.  Maar steeds met dat schilderachtige, subtiele, koude licht slaagt ze erin om sterke, aparte, interessante portretten van honden te creëren.

“Het is een fantastisch spel om als roofdier met het model te werken.  Om ze te laten doen wat ik wil dat de modellen doen.  Kinderen zullen daar altijd een onderdeel van blijven. Maar ook kinderen en honden samen op de foto”.

 

De samenwerking met de galerij, waar ze jaren voor werkte, is daardoor gestopt.  Ze paste niet meer in het plaatje dat ze met haar voorhadden.  Maar Hellen houdt van controle. Controle van haar werk. Controle over haar werk.  “Ik laat maar sporadisch nieuw werk zien”, zegt ze.  “Je zal het nooit op Facebook vinden.  Mijn werk hang ik eerst thuis op. Er moet tijd overgaan voor ik vind dat ik er mee naar buiten kan komen. Het zijn mijn babies”.

 

Die controle trekt ze door in de grootte van haar prints.  Zo worden portretten geprint op 29cm hoogte (ongeveer, maar niet helemaal een A4).  “Hierdoor dwing ik de kijker heel dicht bij mijn portretten te komen.  Heel intiem. En zo zit er niemand, hijgend en zwetend, over je schouder mee te kijken. Moest ik het groter printen, dan kan dat wel. En dat wil ik niet”.

 

Enkel voor de beelden met de honden werd het formaat aangepast. “Dat moest op 70/70cm geprint worden. Hierdoor worden het haast iconen”.

 

Zelf doet ze weinig werk “in opdracht”.  Af en toe wel editoriaal werk.  Daar wordt ze uitgedaagd om wat buiten haar eigen werk te treden, maar nog steeds de touwtjes strak in handen te houden en haar eigen stijl door te drukken. “Dat is belangrijk”, zegt ze, “want je wordt veel langer onthouden en aangesproken om werk dat niet goed was, dan om werk dat wel goed was.  Daar moet je dus goed mee oppassen.  Ik neem dus niet zomaar om het even wat aan”.

 

Waarom staat Hellen nog elke dag op om nieuw werk te maken?

“Wel, alles is al gemaakt: kinderen, gebouwen, honden, bloemen, auto’s, … Maar nog nooit door mij! Dus ik sta ’s ochtends op om nieuw werk te maken, waardoor ik iets ontdek en ik een nieuwe bestemming krijg.  Je kan je niet helemaal afsluiten van iedereen, maar het is wel fijn om je gewoon te focussen op de dingen die je leuk vindt.

Portret van een danseres

Ik postte hier al wat vrij werk in het kader van de portretten van een danseres (Shauni).  Aan het eind van de sessie had ze graag nog een paar neutralere beelden gehad, die konden gebruikt worden bij haar CV en contacten met mensen in de industrie.

We gingen voor dit bijzonder portret van een bijzondere danseres.

Portret van Shauni, danseres
Portret van Shauni, danseres.

Portretfotografie – bedrijfsportret & industrieel portret.

De wereld is klein.  Eén mailtje van een reclamebureau uit Zweden volstaat om je naar de andere kant van het land te sturen om er een bedrijfsportret en industrieel portret te gaan maken.

Wanneer je fotografeert in opdracht, dan is het altijd een uitdaging om je in het hoofd van je opdrachtgever te bewegen.  Welk soort portret willen ze. Een standaard, braaf beeld. Een meer uitdagende foto.  Of iets helemaal anders dan wat je zou verwachten.

In principe praat je dit door alvorens je op pad te begeven. Vaak krijg je dan een pdf toegestuurd van vorige, gelijkaardige publicaties. Dat geeft je een idee van wat er vooraf al gedaan is.

Maar dikwijls is de vrijheid ook heel groot. Je mag als fotograaf vaak je creativiteit aanspreken om een sprekend portret te maken. Vaak is de limiterende factor de geportretteerde zelf. Niet zo verwonderlijk, want zij zijn het niet gewoon om voor een foto te moeten poseren, wetende dat het in een publicatie verschijnt.

In dit geval ging het om een bedrijfspublicatie. Met een portret van een nieuwe werknemer. Al de 55 gepasseerd, en toch nog van richting veranden, van job veranderen. Straf!

Ik leverde het agentschap diverse foto’s aan, waaruit ze uiteindelijk 1 beeld gekozen hebben. Zoals zo vaak gebeurt kiest de opdrachtgever voor andere foto’s dan de foto’s die ik zou kiezen voor de publicatie. Maar klant is koning, en uiteraard kan ik me wel vinden in hun keuze. Al had ik het andere beeld toch liever zijn verschijnen.

Portret, industrieel portret, bedrijfsportret
Portret, bedrijfsportret, industrieel portret
portret
portret

Kunstenaars voor Nepal – update

Het initiatief van Michel Vaerewijck om ten voordele van de slachtoffers in Nepal een veiling op van kunstwerken op te starten, breidt uit.  Op dit ogenblik schenken fotografen Tony Le Duc, Jurgen Doom, Bart Ramakers, Stephanie Van de Velde, Franky De Schampheleer en kunstschilders Maartje Smeyers en Mulugeta Tafesse werk aan het initiatief.

De veiling loopt nu reeds op de Facebookpagina van Michel Vaerewijck en C41 (https://www.facebook.com/events/1659153350979562/1662328383995392/) en kan je al beginnen bieden.

Zo staat de teller voor mijn drieluikje inmiddels al op …. 125€. Fantastisch!

 

Drieluik voor Nepal
Drieluik voor Nepal