Bedrijfsvideo voor Obesitascentrum Evere en Sint-Michiel Europaziekenhuis Brussel

Het heeft lang geduurd voor ik ben ingegaan op vragen van klanten om videoproducties aan te bieden.  Maar toen Nikon in 2012 de D4 en D800 uitbracht – 2 toestellen die in full HD konden filmen – ben ik overstag gegaan.  Sindsdien heb ik een heel aantal videoproducties mogen doen, zowel in binnen- als buitenland.  Het ging dan over in-house informatieve video’s, video’s van events, bedrijfvideo’s als voorstelling van het bewuste bedrijf, publireportages en klantenrecenties.

De grootste uitdaging bij filmen is niet alleen het bewegend aspect (in tegenstelling tot fotografie, waar je met 1 stilstaand beeld moet werken) en het verhalend karakter van een film (waarbij montage, volgorde en sequentie van shots), maar zeker ook het gebruik en opname van geluid.  Zonder een goede opname van het passend geluid (bijvoorbeeld de stem van een persoon, het gebruik van een voice-over, etc ….) moet goed zitten, anders komt de video heel slecht over. Naast de statische shots (beeld gemaakt op statief), kan je ook met dynamische beelden werken (mbv een slider of travel).

In onderstaand film, gemaakt voor Dr. Yannick Nijs, hoofd van het Obesitascentrum Evere en werkzaam in het Sint-Michiel Europaziekenhuis Brussel (Schaarbeek), zijn die aspecten duidelijk te zien:

  • het gebruik van zowel statische beelden;
  • het gebruik van beelden, gemaakt met een bewegende slider (ik gebruik een slider van ShooTools voor de bewegende shots);
  • opname van de stem van de persoon die het verhaal draagt (via een afzonderlijke microfoon en opnameapparatuur), die daarna in het montageprogramma gesynchroniseerd wordt;
  • montage van beelden, opgenomen in verschillende takes;
  • monteren van een ondersteunende soundtrack

 

https://

Lichtmeting volgens de sunny f/16 methode

Hoe kan je voorspellen welke instellingen je zal moeten instellen op je toestel, zonder dat je het licht meet met een lichtmeter?

Vooreerst: er is niets mis met het gebruik van een lichtmeter, zoals we hierna zullen zien.  Indien je een lichtmeter kan gebruiken, doe het dan zeker.  Maar het is perfect mogelijk om op basis van een goede visuele waarneming van het licht op je te fotograferen onderwerp de aanwijzingen van je lichtmeter correct te voorspellen.  Een lichtmeter doet namelijk niets anders dan op een wetenschappelijk-technische manier de intensiteit van het licht om te zetten in een corresponderend diafragma en sluitertijd bij een gekozen ISO-waarde.  Op basis waarvan die dat doet, lichten we hierna toe.

De sunny f/16-regel voor continu licht (daglicht – zonlicht)

De f/16 regel geldt alleen voor buitenopnamen bij daglicht (zowel voor zon, wolken, regen, …).  Binnen werk je met kunstlicht (of flitslicht), dus daar geldt deze regel niet (je kan het hoogstens gebruiken als richtlijn voor een beeld dat je vlak tegen een raam maakt, gebruikmakende van invallend (zon)licht).  De sunny f/16-regel geldt ook niet als je met flitslicht werkt.

De sunny f/16-regel is een methode om zonder lichtmeter toch altijd een juist belicht beeld te maken in een buitensituatie.

De sunny f/16 rule zegt het volgende:

Op een zonnige dag in de zomer, zonder bewolking, rond de middag (10-14h), zal je onderwerp correct belicht zijn als je onderwerp vol in de zon staat en je je diafragma op f/16 instelt bij een sluitertijd die dezelfde waarde heeft als je ISO-getal.

Bijvoorbeeld:

Op een zonnige dag fotografeer je een person met een diafragma van f/16 met een sluitertijd van 1/100, als je werkt op ISO 100.  De persoon staat met zijn/haar gezicht naar de zon gekeerd (of de fotograaf heeft de zon in de rug).  Wanneer je dat doet zal je persoon correct belicht zijn.  De huidtint zal automatisch in zone VI zitten.

Werk je echter op ISO 200, dan stel je je sluitertijd op 1/200 in.  Dat is logisch, want je ISO opdrijven van 100 naar 200 maakt je sensor dubbel zo gevoelig, waardoor je je sluitertijd moet halveren. Je uiteindelijke belichting blijft daardoor hetzelfde, voor zover je diafragma hetzelfde blijft.

Wil je werken met een sluitertijd van 1/400, dan wordt je ISO ook 400 (bij f/16).

We maken hier wel onmiddellijk de bedenking dat de sunny f/16 – hoewel ze vrij accuraat is – altijd een richtlijn blijft, waar je je lichtmeting met je camera mee kan vergelijken om na te gaan of de ordegrootte van je lichtmeter dezelfde is als wat jij dankt dat het moet zijn.  Het goed begrijpen van de f/16 regel en het correct gebruiken ervan is een groot voordeel voor elke (reportage)fotograaf.  Je moet dan namelijk niet noodzakelijk altijd het licht meten door de zoeker voordat je een beeld gaat maken.  Je kan ongemerkt je camera instellen (zodat niemand door heeft dat je een beeld gaat maken), om daarna snel het beeld te maken.

De eerste keer dat ik in aanraking kwam met de sunny f/16 regel was tijdens mijn stage op de fotoredactie van de krant “Die Burger” in Kaapstad.  Elk jaar, in de lente, komen walvissen naar de kust om er te paren en te kalven.  De aankomst van de eerste walvis (doorgaans voor de kust van Hermanus, zo’n 2 uur rijden uit Kaapstad) haalt altijd de voorpagina.

De fotoredacteur gaf me de opdracht om er een beeld van te maken.  Omdat de afstand tussen de kustlijn en de walvissen te groot was om te fotograferen met een 50mm of zelfs 200mm objectief (de walvissen zouden nauwelijks zichtbaar zijn), vertrouwde hij me een Nikon 500mm met vast diafragma (f/8) toe.

Nikon Reflex-NIKKOR 500mm f/8, een 500mm objectief met vast brandpuntsafstand en vast diafragma.  Het bestaat voornamelijk uit spiegels (zoals de grootste telescopen) en is daardoor licht.  Door het gebruik van spiegels vertoont het geen chromatische aberratie. Dit objectief wordt niet meer gemaakt. 

(foto: https://www.nikon.be/nl_BE/product/discontinued/nikkor-lenses/2006/500mm-f-8-reflex-nikkor?ID=424#overview)

De fotoredacteur gaf me een paar rolletjes film met een ISO van 100 en kwam met volgend advies:

Stel je sluitertijd in op 1/400 indien de zon zo blijft schijnen.  Als het bewolkt wordt, werk dan op 1/100, maar gebruik dan zeker een statief.

Ik vroeg hem hoe hij nu al kon weten welke belichting ik 150km verder zou moeten gebruiken, zonder dat hij het licht gemeten had.  Het antwoord was eenvoudigweg: de sunny f/16 regel.

Hij hield daarbij rekening met de 500mm brandpuntsafstand, door me te laten werken met een sluitertijd die ongeveer overeenkwam met de brandpuntsafstand (1/400).  De sunny f/16 regel zegt dan dat je een juiste belichting krijgen als je diafragma instelt op f/16 bij een sluitertijd (1/400) en ISO (400) die gelijk zijn aan mekaar.  Omdat ik op f/8 ging fotograferen (het 500mm objectief bood geen andere mogelijkheid dan te fotograferen op f/8) en niet op f/16, moest ik compenseren voor die 2 stops extra licht.  Dus in plaats van een film met hoge lichtgevoeligheid van ISO 400, gaaf hij me een film mee die 2 stops minder gevoelig was (ISO 100).  Dat compenseerde voor het gebruik van f/8 in plaats van f/16.

Er was een goede reden waarom hij me die instellingen zo meegaf: zo was hij zeker dat de belichting juist ging zijn, zeker bij zonnig weer.  Omdat de zon veel reflecteert op het wateroppervlak, kan je lichtmeter daardoor het noorden kwijtraken. Je lichtmeter zal willen compenseren door je een sluitertijd of diafragma te suggereren dat sneller of kleiner is dan nodig is.  Daardoor zal je beeld onderbelicht zijn.  De sunny f/16 regel heeft daar geen last van, omdat het geen rekening houdt met reflecties, schaduwen, heldere of donkere partijen in je beeld.

Andere weertypes

Uiteraard is het niet altijd zonnig weer (zelfs niet in België).  In ons land krijgen we al eens met bewolkte dagen te maken, of met regenweer.  Geldt dan de sunny f/16-regel nog altijd, of wordt die onbruikbaar?

Of beter nog, stel dat het zonnig is maar de persoon die je wil fotograferen staat met zijn/haar gezicht in de schaduw.  Of je wil de persoon in tegenlicht fotograferen?   Het beeld hieronder  geeft je een mogelijk antwoord op die vragen:

Foto: https://www.slrlounge.com/photography-essentials-the-sunny-16-rule/

Vertrekkende van de f/16-regel (die uitgaat van zonnig weer) kan je berekenen of herrekenen welke belichting je zou nodig hebben bij andere lichtomstandigheden, vertrekkende van f/16 bij een zonnige dag.

In onderstaande tabel zie je het diafragma dat je moet instellen bij een een zekere lichtsituatie.  Men gaat daarbij uit van een sluitertijd die gelijk is aan de ingestelde ISO-waarde (bijvoorbeeld ISO 100, 1/100).  Wat interessant is aan onderstaande tabel is dat voor een zeker diafragma de aard van de schaduwrand (scherp, zacht, geen) er uit zal zien.  Met andere woorden, aan de hand van de schaduwrand kan je het diafragma voorspellen dat je moet gebruiken bij een ISO en sluitertijd dat dezelfde is.

 

Diafragma Type belichting
f/22 Sneeuw of zand
f/16 Zon – duidelijke schaduwrand
f/11 Licht bewolkt – zachte schaduwrand
f/8 Bewolkt – (bijna) geen schaduw
f/5.6 Zwaar bewolkt – geen schaduw
f/4 Schaduw/zonsondergang – geen schaduw

 

Dat is logisch.  Bij rechtstreekse zon heb je een puntbron als lichtbron.  Puntbronnen geven altijd duidelijke schaduwranden.  Op een licht bewolkte dag zie je nog schaduwranden, maar die zijn diffuser of zachter.  Dat kan kloppen, want dat is het effect dat je krijgt van een softbox.  Het wolkendek werkt namelijk als een grote softbox.   Maar het houdt tegelijkertijd een deel van het licht tegen: het licht zal minder intens zijn.

Bij sneeuw of zand krijg je extra licht in je beeld (zeker in portretten) door de reflectie van de zon op de sneeuw of het zand.  Dit is dan een extra lichtbron (zie het als een groot reflectiescherm), waardoor deze als een extra lichtbron zullen reageren en ongeveer 1 stop extra licht toevoegen.

Je kan de tabel ook als volgt voorstellen (voor ISO 100):

Tabel: http://forum.mflenses.com/f16-rule-extended-t23748,start,15.html

Hierboven zie je duidelijk dat het diafragma aangepast wordt naarmate de lichtsterkte afneemt.  Elke nieuwe situatie is 1 stop minder licht dan de voorgaande (vertrekkende van boven naar onder).  Merk ook hier weer op dat er 1 stop extra licht zit in een zonnige situatie ter hoogte van water (of sneeuw, wit zand, …).

Merk op dat ASA (American Standardisation Association) de oude standaard is voor de filmgevoeligheid van een filmrolletje.  Tegenwoordig spreken we van ISO (International Organisation for Standardisation).   De Duitsers hadden het vroeger over DIN (Deutsche Industrie Norm).

In de praktijk

Vroeger kon je de sunny f/16-regel op de verpakking van filmrolletjes terugvinden.   Onderstaande afbeelding illustreert dit voor een Fuji Provia 100F (ISO 100).  We stellen vast dat

  • Het een film betreft met ISO 100 als gevoeligheid.
  • De daylight exposure guide opgegeven wordt voor 1/250ste van een seconde.

Klopt dit dan wel moet de sunny f/16-regel?  Of heeft Fuji het hier fout?

Het antwoord is: neen, Fuji heeft het niet fout. Kijk goed naar de bijhorende tekeningen.  Fuji raadt f/11 aan bij zonnig weer.  Logisch, als je weet dat het f/16 zou moeten zijn bij ISO 100, 1/100.  Maar de film heeft een gevoeligheid van ISO 1/250, wat ongeveer 1 stop minder gevoelig is dan ISO 100.  Daarom moet je ook 1 stop meer diafragmeren (van f/16 naar f/11).

Foto: https://www.markushartel.com/tutorials/basics/sunny-16-rule.html

Merk ook op dat fabrikanten hun films graag gevoeliger voorstellen dan ze in werkelijkheid zijn.   Met deze informatie zou je moeten kunnen inzien dat de informatie die op het doosje van Fuji wel klopt.

Besluit:

De f/16 regel blijft een eenvoudige en snelle manier om de juiste belichting te verspollen en kan je als richtlijn gebruiken om je camera in te stellen, zonder licht te meten. Ik gebruik het buiten vaak, al was het maar om te controleren of ik het nog altijd kan. 🙂

 

Jürgen Doom is freelance fotograaf met specialisatie in bedrijfsfotografie (portret, architectuur, bouw).  Voor een portfolio, zie www.jurgendoom.be.

Bedrijfsfotografie: Productfotografie op locatie

Ik ben wat men een “location photographer” noemt in het Engels.  Een fotograaf die niet vanop 1 locatie werkt (een eigen studio of werkruimte).  Een beeldenmaker die tot bij de klant gaat, alle materiaal meeneemt om de opnames bij de klant tot een goed einde te brengen en daarna de beelden in een gecontroleerde en gecalibreerde omgeving af te werken.

Terumo, een bedrijf met hoofdzetel in Japen maar met een grote Europese vestiging in Haasrode, is gespecialiseerd in medisch materiaal.  Voor hun nieuwe brochures en promotiemateriaal hadden ze beelden nodig van nieuwe producten: pompen voor infuses of Terufusion genaamd. Hoogtechnologische, computergestuurde infusen, perfect instelbaar op maat van de patient.

De vraag van Terumo was of ik de beelden bij hun in kantoor kon maken.  Location photographer zijnde kon ik aan hun wens voldoen.  Om onderstaande foto’s te maken bouwden we in een ruimte binnen hun kantoor een studio op, waarin de producten gefotografeerd werden. Het beeld hieronder toont het resultaat, verwerkt in de brochure van Terumo.

Jurgen Doom
Terumo: productfotografie

Om bovenstaande producten goed te kunnen fotograferen was een goede kennis van de werking van licht nodig.  De producten moesten niet alleen op een witte achtergrond/ondergrond gefotografeerd worden (om te kunnen “détoureren”, dat wil zeggen, los maken van de achtergrond om ze daarna in een ander beeld te kunnen verwerken, zoals hierboven), maar de displays moesten ook zichtbaar en leesbaar zijn.

Het is echter heel moeilijk en technisch ingewikkeld om binnen gecontroleerde omstandigheden alles in 1 opname uit te voeren. Ofwel gaat het display leesbaar zijn, maar is de pomp niet goed belicht. Ofwel is de pomp goed belicht, maar het display niet leesbaar.

Er waren daarom 2 types van opnamen nodig: 1 opname waarbij het product zo goed mogelijk gefotografeerd wordt en zo duidelijk mogelijk in beeld gebracht wordt.  Dat gebeurt best met flitslicht: zuiver, controleerbaar en voorspelbaar licht. Daarbij moet je letten op het feit dat je geen “continu” licht mee fotografeert. Continu licht is afkomstig van de lichtbron in de ruimte (in dit geval TL-licht in een kantoor wat een ongewenste vuilgroene schijn geeft in het beeld).

Wanneer je flitslicht gebruikt, zonder continu licht in je beeld mee op te nemen, dan krijg je een beeld zoals je hieronder ziet: clean, proper, sec, netjes. Een goede basis om mee verder te werken.

Jurgen Doom
Opname van de infuuspomp met enkel flitslicht.

Zoals je kan zien is het een opname van de producten, maar zonder dat het display leesbaar is.  Dat is ook logisch en te verwachten: het display is een bron van continu licht. Het licht wordt er op een continue manier uitgezonden.  De bedoeling van de opname was om enkel flitslicht te gebruiken, zodat alle bronnen van continu licht niet zichtbaar zouden zijn in de opname.  En dat is gelukt, met het donker display tot gevolg.

Om het display toch realistisch in beeld te kunnen brengen, was een tweede opname nodig.  Een opname waarbij enkel continu licht zou gebruikt worden.  En liefst enkel continu licht van het display.  Om die reden werden voor de tweede opname alle lichten in het kantoor uit gedaan (er was geen raam in de ruimte, waardoor het er heel donker werd).  De infuuspompen werden dan aangezet, waarop de displays oplichtten.  Een tweede beeld werd gemaakt van enkel de displays.

Opname van de infuuspomp met enkel continu licht.

De bedoeling van deze manier van werken was om nadien, in Photoshop, beide beelden in elkaar te verwerken: het beeld van de infuuspompen met flitslicht en het beeld van de schermen met enkel continu licht.  Om dit goed en eenvoudig te kunnen doen, werd aan de setup niets gewijzigd. Het beeldkader werd behouden en de focusafstand bleef dezelde.  Op die manier pasten beide beelden 1:1 op mekaar.  Dat vergemakkelijkte niet allen het werk in Photoshop, maar het zorgde ook dat het perspectief in het beeld bleef kloppen.  Elke wijziging van focus, brandpuntsafstand of cadrage zou een verandering van perspectief en/of verhouding met zich meegebracht hebben.

Voor de volledigheid wil ik hier nog vermelden dat enkel de sluitertijd werd aangepast om het beeld met continu licht te kunnen maken.  In plaats van 1/200 (de sluitertijd bij het gebruik van flitslicht) gebruikte ik hier een sluitertijd van ongeveer een halve seconde.

Het composietbeeld, na Photoshopbewerking, ziet er dan als volgt uit.

Jurgen Doom
Terumo Infuuspomp: afgewerkt beeld, met ingewerkt display.

Voor publicatie worden er dan nog enkele finale bewerkingen uitgevoerd: de ruimte rond het beeld wordt mooi wit gemaakt. De klant vroeg ook om de schaduw van de pompen, die onder de pomp valt, grotendeels weg te we werken.  Iets wat in post-productie vrij eenvoudig uit te voeren is. Dit kan zelfs in Lightroom gedaan worden en hoeft niet noodzakelijk in Photoshop.

Er werden heel wat pompen gefotografeerd op deze manier:

 

Jurgen Doom
Opname van de pomp met enkel flitslicht.

 

Jurgen Doom
Zelfde opname van de pomp, maar met enkel continu licht (afkomstig van het display).

 

Jurgen Doom
Samenbrengen van beide beelden in Photoshop.

 

Jurgen Doom
Afwerken en opkuisen van het beeld, zodat het een cleane, witte omgeving heeft met kleine schlagschaduw. Dit met het oog op détourage.

We zijn zelfs de “grote” uitdaging niet uit de weg gegaan!  Maar het principe is hetzelfde bij onderstaande beelden als bij de bovenstaande.  Het belangrijkst bij opnamen was dat er niets mocht bewegen tussen de verschillende opnamen.

Jurgen Doom

Jurgen Doom

Terumo heeft de beelden op een heel mooie manier in hun nieuwe publicatie gebruikt.

 

Jurgen Doom
Terumo: productfotografie

Jurgen Doom
Terumo: productfotografie

Jurgen Doom
Terumo: productfotografie

 

Alle beelden zijn gemaakt met een Nikon D800 en Nikon 85mm Tilt/Shift lens.  Beelden tethered naar MacBookPro in Lightroom.  Flits: Profoto B1.  Assistenten: Lise Lynen van Terumo en Lotte Moortgat.

Ranger Quadra van Elinchrom – eerste impressies.

‘t Is al een heel lange tijd dat ik de Ranger Quadra, Elinchrom’s draagbare flitssysteem, op het oog heb.

Ik sta bij mijn klanten bekend als iemand die in quasi alle lichtomstandigheden toch nog goed en interessant belichte beelden kan maken.  Ik geef toe dat er niettemin beperkingen zijn aan wat ik kan doen, maar die beperkingen vinden meestal hun oorsprong in de maximale kracht van de reportageflitsen die ik gebruik (Nikon SB900).  Dikwijls kan ik het oplossen door er een tweede flits bij te zetten en zo de output verghogen, maar ook daar zijn er beperkingen aan.  Wel kan ik met mijn reportageflitsen gebruik maken van high-speed sync, wat me toelaat om sneller dan de maximale synchronisatiesnelheid te fotograferen en daardoor een groter diafragma te gebruiken.  En ik heb nog altijd mijn studioflitsen die ik mee op locatie kan nemen wanneer ik weet dat ik heel wat “power” nodig heb.

Al deze argumenten weerhielden me ervan om te investeren in weer nieuw materiaal dat geen high-speed sync kan en ook niet zo sterk is als mijn studioflitsen.

Wel, soms gebeurde het dat ik op locatie echt wel het comfort wou hebben van meer kracht.  Een flashead van een Ranger Quadra levert zo’n 400Ws, 4 keer meer dan wat een reportageflitser kan leveren. Bovendien zie ik me niet altijd rondsleuren met mijn studioflitsen.  Die zijn zwaar, log, duur en hebben altijd electriciteit nodig ….

Dus, toch maar de Ranger Quadra.  Ik beb er voor het eerst eens goed naar gekeken op Photokina in Keulen, in september 2010.  Toen vond ik de Ranger te klein om groot te zijn, maar ook te groot om echt klein te zijn.  Toch maar niet dus?

Maar de Ranger bleef toch in mijn hoofd spoken, zeker op momenten dat ik buiten fotografeerde en mijn reportageflitsen er alles moesten uitpersen om te kunnen volgen.

Ik heb dan toch beslist om tot de aankoop ervan over te gaan en heb een kit gekocht met twee flitskoppen, twee batterijen, twee statieven en twee flash adaptors (om al mijn softboxen, grids en snoots van mijn studioset te kunnen gebruiken).  De mensen bij Servix, waar ik de Ranger Quadra gekocht heb, raadden me ook aan om extra kabels van 5 m lengte  erbij te kopen, zodat je de twee flitskoppen 10m uit elkaar kan plaatsen.

Ik ben beginnen te experimenteren met de Ranger Quadra in een veilige omgeving, de studio, met wat vrienden.  Zij waren geduldig en ik kon het een en ander uitproberen.

 

portrait with Ranger Quadra Elinchrom by Jürgen Doom
portrait with Ranger Quadra Elinchrom by Jürgen Doom
portrait with Ranger Quadra Elinchrom by Jürgen Doom

 

Eens ik goed wist hoe de Ranger Quadra te bedienen, wat eigenlijk eenvoudig is, ben ik hem beginnen meenemen naar commerciele opdrachten.  Hieronder is een voorbeeld van zo’n opdracht, voor de groep Suerickx (bestaande uit Icopan, Cosenco en Building Services).

 

Corporate shoot with Ranger Quadra Elinchrom by Jürgen Doom
Corporate shoot with Ranger Quadra Elinchrom by Jürgen Doom
Corporate shoot with Ranger Quadra Elinchrom by Jürgen Doom

Door gebruik te maken van de Ranger Quadra heb ik de belichting kunnen regelen en de contrasten volledig onder controle kunnen houden.  Een waar plezier.

 

Tot slot nog een beeld uit een serie van beelden voor accountancy bedrijf Moore Stephens Verschelden.  Ik moest de CEO fotograferen temidden containers.  Door gebruik te maken van de Ranger heb ik hem kunnen uitlichten uit de omgeving.

 

Corporate shoot with Ranger Quadra Elinchrom by Jürgen Doom

 

Had ik deze beelden kunnen maken met mijn Nikon SB900’s, mijn reportageflitsen.  Waarschijnlijk wel.  Was het gemakkelijker om te werken met de Rangers?  Misschien wel, misschien niet.  Was het comfortabeler om ze te maken met de Ranger.  Absoluut wel.

En daar komt het hem som op aan.  Als commercieel fotograaf is comfort belangrijk, zo belangrijk dat we bereid zijn er een extra prijs voor te betalen … met de bedoeling er betere beelden door te maken …

 

Ansul – fotografie voor een bedrijf gespecialiseerd in brandpreventie.

Ansul contacteerde me omdat ze op zoek waren naar een fotograaf die beelden kon maken voor verschillende toepassingen, waaronder het jaarverslag.  Ze hadden graag een heel breed gamma aan beelden gehad, van actiefoto’s tot gedetoureerde studiofoto’s (soort van packshots), maar wel te fotograferen bij hun op locatie.

Als professioneel fotograaf die gespecialiseerd is in bedrijfsfotografie, moet je een brede waaier van beelden kunnen maken en dit in de meest veeleisende en moeilijke lichtomstandigheden.  Dit was zeker het geval bij de beelden van Ansul, waar we van brandende containers naar beelden in een magazijn gingen ….

Een korte bloemlezing van een dag hard werken volgt hierna.

 

Ansul – fire protection.
Ansul – fire protection.
Ansul – fire protection.
Ansul – fire protection.
Ansul – fire protection.
Ansul – fire protection.
Ansul – fire protection.

 

Portretografie

Een portret maken op een eerder druilerige regendag, ‘t is niet iets waar veel fotografen op zitten te wachten.

Ik anders wel. Niets zo eenvoudig als je belichting te regelen op een dag waar de zon je geen parten speelt.

Zo verging het me ook bij de portretsessie van een prof aan het “sportkot” van de KUL. Grijze lucht, geen zon, fris windje en enkel een atletiekpiste om iets mee te doen. Verder waren aanwezig: 2 Nikon Speedlights van het SB900 type, een paar CTO kleurenfilters, een koppel pocket wizards, een 85mm tilt-shift lens, een Nikon D3s en nog wat attributen als daar zijn staanders, fototas, hoodman loupe, etc …..

De rest is geschiedenis.

Hieronder mijn favoriete beeld in de reeks ….

In de layout van het tijdschrift paste deze beter (+ het is meer close-up).

Note to self: koop een klein trapladdertje, zo eentje met twee of drie treden, dan moet je niet telkens rondlopen naar een verhoogje …..

Modelfotografie

Als fotograaf krijg je mensen van “diverse pluimage” voor je lens. Van baby’s die net het daglicht zien, tot ouderen die amper nog daglicht kunnen verdragen.

Niet zo met Bridgid, want zoiemand is gemaakt om zeker in het daglicht te komen. Of, bij gebrek aan daglicht, flitslicht.
De shoot met Brigid had plaats ergens tegen Kaapstad, Zuid-Afrika. De voormiddag liep op z’n einde en ik wou nog een paar shots van haar maken, gewoon voor de “fun”. In de studio waar ik de opnamen maakte positioneerde ik 2 studiolichten met softboxen rond haar en maakte een tiental opnamen. Deze kwam er voor mij als beste uit. Ik hou geweldig veel van dit beeld, de manier waarop Brigid kijkt, haar pose, ….. Soms komt het allemaal samen in 1 shot.

Leuven Draait

Even reclame maken voor een Leuvens initiatief ….

Leuven Draait sluit haar tweede editie af met een Eindfeest op 18 september in
Studio’s en op 19 september in het prachtige kader van de Molens van Orshoven
aan de Vaart in Leuven. De affiche is rijkelijk gevuld met naast muziek, dans,
diskjockeys, comedy, cartoons en bewegend beeld ook werk van jonge,
beloftevolle fotografen als Snezhana Dubrovskaya, Xavier Vankeirsbulck en Joost
Van Slambroeck.
In 2006 werd Leuven Draait vzw in het leven geroepen door enkele jonge mensen met een
gezonde interesse voor kunst en cultuur. Leuven Draait wil artiesten, organisaties,
professionelen en toeschouwers dichter bij elkaar brengen en jong creatief geweld uit eigen
streek een duwtje in de rug geven. Om het concept uit te werken heeft de organisatie advies
gewonnen bij vakmensen als Pieter Quaghebuer (Artforum vzw) en Koen Adams (30CC).
Leuven Draait is een tweejaarlijkse zoektocht naar jong talent. In oktober is er het Startfeest
waarna iedereen tussen 18 en 35 jaar oud gedurende 5 maanden de kans krijgt om zich in
te schrijven in één van de vijf disciplines woord, fotografie, bewegend beeld, muziek of
cartoon. Een professioneel uitgekiende jury per discipline evalueert in mei wat werd
ingestuurd en duidt een aantal winnaars aan.
De winnaars krijgen doorheen het jaar een op maat gemaakt prijzenpakket zoals workshops
gegeven door mensen uit het vak, een geldprijs, exposure in de media, een citytrip naar het
stripfestival van Angoulême of podiumkansen. De apotheose van Leuven Draait is het
Eindfeest dat in september het jaar daarop wordt georganiseerd. Daar komen alle
kunstvormen samen en krijgen de winnaars en genodigden de kans om hun kunnen te laten
zien aan het grote publiek.
De eerste editie van Leuven Draait 2006-2007 was met 57 geselecteerde artiesten, 98
vrijwilligers, 1500 toeschouwers, een stroom aan positieve reacties, de steun van onder
meer Studio Brussel, Provincie Vlaams-Brabant, Inbev en Mooi Mooi een groot succes en dus
kon een tweede editie niet uitblijven. Anno 2009 is Leuven Draait sterk uitgebreid,
geprofessionaliseerd en een VZW geworden met 11 actieve leden. Zij zijn op dit moment
druk bezig met het organiseren van het Eindfeest op 18 september in Studio’s en 19
september in de unieke industriële setting van de Molens Van Orshoven.
De jury voor de discipline fotografie bestond uit Pieter Jelle De Brue (oprichter
www.drieduizend.be – Leuvens bekendste fotowebsite), Pieter Jan Stockstraeten
(professioneel persfotograaf), Liesbeth Bernaerts (fotografe www.artrose.be) en Frederic
Sodermans (Leuven Draait). De kandidaten moesten een fotoreportage maken over ‘Leven in
Leuven’ en voor de winnaars was er een workshop naar keuze weggelegd. De winnaars van
deze editie waren :
Xavier Vankeirsbulck
Xavier Vankeirsbulck is 30 jaar oud en afkomstig uit Leuven. Hij studeert fotografie aan het
SLAC, werkt als fotograaf voor Veto, is bekend van www.drieduizend.be en won met een
reeks van 6 zwart-wit beelden van Leuven. Als prijs koos hij ervoor om een workshop te
volgen bij de bekende fotograaf Pascal Baetens.
Joost Van Slambroeck
De jongste van de drie winnaars is Joost Van Slambrouck, amper 20 jaar oud. Joost Van
Slambrouck studeert aan de Narafi-hogeschool en haalde de finale met een reeks over
Leuven in zwart-wit. Hij koos voor een workshop dans- en toneelfotografie.
Snezhana Dubrovskaya
Snezhana Dubrovskaya tot slot is 27 jaar oud en student aan het SLAC. Zij maakte een reeks
over de anti-NSV betoging in Leuven eind maart 2009 en leert ondertussen foto’s
ontwikkelen in een donkere kamer, want dat was haar workshop naar keuze.
Een paar van de foto’s van deze drie winnaars zijn – in primeur! – te bewonderen in de
inkomhal van Fnac Leuven, en dit tot eind augustus. Voor de rest moet je wachten tot het
Eindfeest!
Het Leuven Draait Eindfeest is dé unieke kans om volledig gratis jong creatief talent uit de
regio aan het werk te zien, uit meer dan vijf verschillende kunstvormen in een gezellige,
ongedwongen festivalsfeer!
Voor meer info en het volledige programma, kan u terecht op onze website
www.leuvendraait.be.

Voor vragen, hoge resolutie foto’s of interviews met één van onze winnaars of
juryleden, kan u terecht bij onze persverantwoordelijke
Charlotte Ghekiere
charlotte@leuvendraait.be
+ 32/498 38 36 70

Workshop Flitsfotografie

Nieuwe workshop flitsfotografie – zaterdag 3 oktober 2009 – start om 14h te Leuven (Wilsele).

De workshop behandelt de basis van flitsfotografie. Er wordt uitgelegd – aan de hand van voorbeelden – hoe flitsfotografie werkt en wat de invloed is van veranderingen van de instellingen op de camera en de flits tov het onderwerp. We bespreken de invloed van softboxen en paraplu’s op het resultaat, er wordt geleerd draadloos te flitsen en de flitsen en camera manueel in te stellen. Voorts lichten we de invloed van bepaalde type filters toe.

Elke cursist krijgt een “syllabus” van 3 bladzijden met de basis van flitsfotografie – die we tijdens de workshop bespreken – toegelicht, alsook een CD met uitgewerkte voorbeelden, waarin camera- en flitsinstellingen worden besproken (met f-stops, afstanden, etc …).

Van de cursisten wordt verwacht dat ze een basiskennis fotografie hebben, vertrouwd zijn met de begrippen sluitertijd en diafragma en bij voorkeur beschikken over een (digitaal) reflextoestel. Indien je geen flits hebt kan je er tijdens de workshop lenen voor de duur van de workshop.

Na een beetje (geïllustreerde) theorie gaan we ook effectief foto’s maken op locatie. Tot slot worden de resultaten daarvan op computer bekeken en wordt een nabespreking gehouden.

De duurtijd is ongeveer 4 uur (tot ong 18h).

Prijs: 95€, incl BTW en cursusmateriaal (syllabus, CD met uitgewerkte voorbeelden).

Bij interesse, gelieve mij te contacteren via workshop apestaartje jurgendoom punt be. Plaatsen zijn beschikbaar op “first come first serve” basis. Maximum 6 personen (om persoonlijke aandacht te kunnen garanderen)!

Hier kan je zien hoe zo’n workshop in elkaar zit en wat de commentaren zijn ….

Jürgen Doom